VMBO wordt sterker en praktischer

Door Redactie op Maandag 20 februari 2017 13:55   Algemeen   leerlingen, vmbo, mbo


VMBO wordt sterker en praktischer

NEDERLAND - Vmbo’ers kunnen in de toekomst op meerdere manieren doorstromen naar het mbo. Minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker (Onderwijs) gaan doorlopende leerroutes vmbo-mbo met een nieuwe wet mogelijk maken en de gemengde en theoretische leerweg van het vmbo bij elkaar voegen. Ook wordt stapelen binnen het vmbo meer gestimuleerd. Dat schrijven de bewindslieden maandag in een brief aan de Tweede Kamer.

Met de maatregelen willen Bussemaker en Dekker de doorstroom vanuit het vmbo naar het vervolgonderwijs verbeteren. Zo kunnen vmbo’ers straks alvast lessen volgen op het mbo. Ook moet een overstap naar het mbo zonder tussentijds examen mogelijk worden. Daarmee zou een leerling in vijf jaar tijd een startkwalificatie moeten kunnen halen in nauwe samenwerking tussen het vmbo en mbo, waarbij het mbo de eindverantwoordelijkheid draagt.

Kansen voor leerlingen vergroten

De aanpassingen zijn nodig, omdat de huidige leerroutes voor veel vmbo’ers te rigide zijn en hen onvoldoende voorbereiden op het vervolgonderwijs. Bussemaker en Dekker willen dat leerlingen de kans krijgen om makkelijker over te stappen tussen leerroutes en zo beter te stapelen.

'De helft van alle scholieren gaat naar het vmbo. Dat zijn veel verschillende kinderen, die verschillende routes nodig hebben om het beste uit zichzelf te kunnen halen’, zegt Dekker. ‘Met dit voorstel geven we kinderen de kans om een route te kiezen die het beste bij ze past.’

Doorlopende leerroutes VMBO en MBO

Volgens de bewindslieden zorgt het voorstel er voor dat minder leerlingen gaan uitvallen bij de overstap van het vmbo naar het mbo. Door de invoering van de nieuwe profielen op het vmbo en de versterking van de loopbaanbegeleiding is de kloof al minder groot geworden, maar Dekker en Bussemaker willen meer. Met de invoering van doorlopende leerroute wordt de aansluiting nog beter. Zo willen zij voor vmbo’ers regelen dat zij alvast lessen kunnen volgen op het mbo. Wanneer vmbo’ers al tijdens hun opleiding ook les volgen op het mbo, of als vmbo’s en mbo’s nauwer samenwerken bij het geven van onderwijs, wordt de overstap voor een leerling kleiner. 

Voor jongeren die al weten wat ze willen, zal het wetsvoorstel ruimte bieden voor een doorlopende route van vmbo naar mbo en wordt het mogelijk om in vijf jaar een startkwalificatie te halen. Ook schakelprogramma’s kunnen kinderen helpen om soepel over te stappen. Vmbo’ers die naar het mbo willen, leren in zo’n programma meer over werkhouding en het inzetten van je netwerk. Ook voor de overstap naar de havo komen er schakelprogramma’s.

Daarnaast biedt het wetsvoorstel meer ruimte aan scholen voor  lesprogramma’s die aansluiten bij de regionale werkgelegenheid en bij de wensen van de leerlingen. Bussemaker: ‘Het is belangrijk dat we de kansen van leerlingen in het gehele beroepsonderwijs verder vergroten door hen zo goed mogelijk voor te bereiden op hun toekomstige werkplek. Maatwerk, meer praktijk, en een betere aansluiting bij het regionale bedrijfsleven biedt  scholen bovendien de kans om beter aan te sluiten bij de arbeidsmarktbehoefte.’

Belang praktijkgericht onderwijs

Dekker en Bussemaker willen verder dat het praktische deel van het vmbo een meer prominente rol krijgt, omdat blijkt dat er behoefte is aan meer praktijklessen, ook in het algemeen vormend onderwijs. Ze stellen daarom voor om de gemengde leerweg (gl), waar vmbo’ers ook een praktijkvak volgen, samen te voegen met de theoretische leerweg (tl). In de praktijk verdwijnt het verschil tussen die twee stromingen nu al, omdat leerlingen in het vierde jaar vaak overstappen van gl naar tl. Leerlingen vinden vaak meer uitdaging in de praktijkvakken, maar stappen over naar de theoretische leerweg omdat hier maatschappelijk meer waarde aan wordt gehecht. Geheel onterecht, want het niveau van beide stromingen is hetzelfde.

Meer waardering beroepsonderwijs

In totaal nemen de bewindslieden zes maatregelen om het beroepsonderwijs te versterken en het imago te verbeteren. ‘Er is geen sprake van één probleem dat met één druk op de knop kan worden opgelost; er is een samenhangend pakket van maatregelen nodig om het vmbo te versterken’, aldus Dekker.

Het voorstel volgt op adviezen van de Onderwijsraad en de MBO Raad en is in een uitgebreide verkenning besproken met leraren, schoolleiders, bestuurders, ouders, leerlingen en bedrijfsleven.