Wie binnenkort een nieuwe laptop of smartphone wil kopen, kan zich opmaken voor een onaangename verrassing. De prijzen gaan omhoog. Flink ook. Niet omdat de schermen beter zijn of de camera's scherper, maar door iets wat je niet eens ziet: het werkgeheugen.

Door een explosieve prijsstijging van RAM dreigen apparaten honderden euro's duurder te worden. En dat treft niet alleen techliefhebbers die de nieuwste specs willen, maar vrijwel iedereen die zijn laptop voor werk, studie of Netflix gebruikt.

Hoe dit zover kon komen

Werkgeheugen – of RAM, als je het technisch wilt bekijken – zorgt ervoor dat je laptop of telefoon meerdere dingen tegelijk kan draaien. Meer RAM betekent sneller en soepeler werken. Simpel genoeg, toch?

Maar de prijzen zijn de laatste maanden compleet door het dak geschoten. De reden? Grote techbedrijven kopen massaal werkgeheugen op voor datacenters die kunstmatige intelligentie draaien. ChatGPT, beeldgeneratoren, alle AI-tools die nu populair zijn: die hebben enorme hoeveelheden RAM nodig.

Het resultaat is schaarste. Laptop- en smartphonefabrikanten moeten meer betalen voor onderdelen, en die kosten worden doorgeschoven naar de consument. Wat nu nog in de winkel ligt, is vaak geproduceerd voordat de prijzen stegen, maar nieuwe modellen? Die worden merkbaar duurder.

Thuiswerken wordt een stuk kostbaarder

Veel mensen werken nog steeds thuis, of in ieder geval een paar dagen per week. En dat betekent: je eigen laptop moet het doen. Een trage of verouderde machine is geen pretje als je dag vol zit met videocalls en tientallen open tabbladen.

Wie nu een laptop van een paar jaar oud wil vervangen, ziet zich geconfronteerd met een flink hogere prijs. En dat terwijl software steeds zwaarder wordt en beveiligingsupdates steeds meer rekenkracht vragen. Oudere apparaten kunnen dat tempo vaak niet meer bijhouden.

Sommige mensen stellen de aankoop uit. Anderen vragen hun werkgever om een bijdrage. Maar niet elk bedrijf kan of wil dat betalen, waardoor de rekening uiteindelijk bij de werknemer terechtkomt.

Studenten zitten klem

Voor studenten is dit extra zuur. Een laptop is tegenwoordig geen luxe, maar een noodzaak. Colleges, opdrachten en groepswerk: alles gebeurt digitaal. Zonder een degelijke computer kun je simpelweg niet meedoen.

Gezinnen met studerende kinderen krijgen daardoor een flinke kostenpost te verwerken. Een betaalbaar instapmodel? Dat is straks misschien niet meer zo betaalbaar. En dat vergroot de ongelijkheid: niet iedereen kan zomaar een paar honderd euro extra neertellen voor een apparaat dat nodig is om te kunnen studeren.

Online entertainment vraagt steeds meer

De computer speelt ook een grote rol in hoe we ontspannen. Streamen, gamen en sociale media: het vraagt allemaal steeds meer van de hardware. Gamers merken de prijsstijging vaak als eerste, omdat zij krachtige apparaten nodig hebben met veel werkgeheugen.

Maar ook voor andere vormen van online entertainment geldt dat oudere apparaten het steeds moeilijker krijgen. Geen nieuwe laptop? Dan passen gebruikers hun gedrag aan: minder zware games, een agere beeldkwaliteit of simpelweg minder tijd online.

Sommigen wijken uit naar eenvoudigere alternatieven, zoals mobiele apps die weinig rekenkracht vragen, webgebaseerde spelletjes of platforms zoals LeoVegas Nederland die ook op oudere hardware goed functioneren. Dit onderstreept hoe afhankelijk onze vrijetijdsbesteding is geworden van goed werkende technologie.

Repareren in plaats van vervangen

Wat ook opvalt, is dat mensen hun apparaten langer blijven gebruiken. In plaats van een nieuwe laptop te kopen, proberen ze het bestaande apparaat te repareren of te optimaliseren, bijvoorbeeld door opslag vrij te maken of software op te schonen.

Het probleem is dat het werkgeheugen bij veel moderne laptops is vastgesoldeerd. Dat betekent dat het niet eenvoudig te vervangen of uit te breiden is, waardoor deze optie vaak wegvalt.

Tweedehands- en refurbished apparaten worden daardoor populairder. Dat biedt tijdelijk verlichting, maar vormt geen structurele oplossing. Dee eisen blijven stijgen, terwijl betaalbare nieuwe modellen steeds schaarser worden.

De digitale kloof groeit

Dit raakt aan een breder probleem: digitale toegankelijkheid. Steeds meer zaken verlopen online, van bankzaken en overheidsdiensten tot onderwijs en zorg. Als de drempel om een degelijke computer te kopen hoger wordt, ontstaat er een digitale kloof.

Mensen die het niet kunnen betalen, blijven aangewezen op verouderde apparaten. Dat vraagt om aandacht van beleidsmakers en werkgevers, want digitaal kunnen meedoen begint bij toegang tot betaalbare technologie.

Wanneer wordt het beter?

Niet snel, helaas. Deskundigen verwachten niet dat de prijzen op korte termijn zullen zakken. De vraag naar RAM voor AI-datacenters blijft groot. En zelfs als de markt zich herstelt, duurt het maanden voordat dat zichtbaar wordt in de winkelprijzen.

Voorlopig resteert er dus weinig keuze: wachten, sparen of aanpassen.